Gelato al Limon

Een totale omsingeling door doordrenkte grenzen is niet mijn dada. Crusoefobie en bindingsangst voor vaste bodem op natte grond. Ik haat eilanden, het moet eruit.

Eilandhaat. Tenzij het ding een half eigen continent beslaat. Een land waar zoveel plaats is, dat er tamme eucalyptusvretende monstertjes kunnen leven. Hoogst uitzonderlijk exhibitioneren ze zichzelf aan vrijgezellinnen die op wandel zijn met de auto. Voor goede spottips kan ik u doorverwijzen naar een getalenteerde spotter.

Eiland weet raad. Wanneer het gezang klinkt, van een voormalig advocaat.

Oh muziek die klinkt als vakantie. Met liedjes over limoenijs, in een taal die toebehoort aan een land uit een andere lijst van niet-favoriete vakantiebestemmingen. Ondanks de pasta.

Dat wistje-datje over het advocaat-zijn neem ik gewoon voor waar. Geen cross check verificatiemethode die bestaat uit een combinatie van wikipedia en ware onderzoeksjournalistiek komt eraan te pas. Iedereen is van tijd tot tijd een tam monster, n’est pas?

Ik vind hem wonderlijk prachtig, de ex-advocaat die klinkt alsof hij op een gezegende leeftijd zweeft. Als de gezellige opa die met geduld het schaakspel uitlegt, zonder voorkennis te vereisen. Iemand die je een eerste limoncello uitschenkt.
limon

Als advocaten kunnen zingen, dan is het hoog tijd om op te staan als frontvrouw. Het wordt intellectuele punkrock, met van tijd tot tijd een cover van The Smiths, Bright Eyes, Melanie De Biasio of Paolo. Op de podia van Vorst, Paleis 12 en het Swingpaleis speel ik niet.

Als ik afga en verdrink is het op en van een klein eiland. Een muzikale rotonde zonder wegen. Wees welkom. De belofte luidt dat er eerst naarstig gezocht wordt naar het laatste restje Helmut Lotti-voice pearls. Hoogst waarschijnlijk enkel nog op de kop te tikken via een obscure koopjeswebsite. Made in China.

Gesmeerd.

Brussels fashion days – on the runway

Fa fa fa fa fashion is one of these catwalk soundtracks I heard yesterday. Not truly original, but oh so nice though. If I am ever in need of my own runway hit, I have some tune in mind.

Never too old for a first-time-ever experience. Although my interest goes out to fashion since years and years (I truly think it maybe came with my genes), I never attended any catwalk event. I know everyone knows the city of Antwerp as the true capital of couture, but let me tell you about Brussels. There are heaps of great young designers. And this weekend there is DS Brussels Fashion Days in Square-Brussels. Saturday was curated by ELLE België/Belgique. They marked some huge names on the bill, so I could not let this day pass me by.

WIM BRUYNOOGHE FW15
Truly inspiring leather bustiers. Sophisticated chic with volume and a perfect combination of floaty fluent lines and skintone sleek harnesses. Faux Fur fluffy pink scarfs gave glamour to his other silhouettes.
IMG_1659 Bruynooghe

JEAN-PAUL KNOTT
‘Oh dear. Wow’, I sighed.
-Wow about he guy/mannequin?
Uh, yeah. He was great as well. Remark my as well. I know Knott’s name. I’ve seen some of his work, somewhere sometime before. I can’t remember why I maybe(!) underestimated his designs. Black and blue, rather wereable, classy, with more than some hints of leather. The big flower corsages pinned at the lapels of many jackets bring Van Noten to my mind. But men need to be a bit less bold to go for Knott. Not less fashionable though.
Schermafbeelding 2015-10-18 om 14.39.39
-Do you think they look happy in their shiny black, birkenstock style, slippers?
-Why not? They probably walk in the most comfy kind of catwalk shoes today!

ELVIS POMPILIO
Never seems to be too uptight for some dose of humor. After all this is ELLE’s party he may have thought. The way he plays with ‘dresses’! Clothes may look subordinate to the headpieces he creates, but he handles them as quirky as his hats. The audience loved it, I loved it. Smiles went like a big mexican wave from seat to seat.
IMG_1626

Creations with garbage bags and glossy covers? Works for me!

NATAN
-‘Isn’t that very classic?’
You’ll see I nodded with a big smile on my face.

What comes top of mind for most Belgians is how Edouard Vermeulen’s couture house is a purveyor at the royal court. Time after time our queen Mathilde chooses for his designs. But isn’t she chosen as one of the more stylish royalties, pardon me if I’m wrong, I’m not a huge royalty watcher.

When we call designs a bit more classic. Doesn’t it also means more classy? But he broke down the expectation of my friend. Wooly architecture-esk structured neon tops where combined with glittery short skirts. Sheer short dresses with very blinky bling embroidery mean pure craftmanship and a potential rock ’n roll stage dress for me. The second version with the slip dress in khaki was my personal top notch piece of this collection. With a pair of leather Isabel Marant boots this would seem a perfect rock singer marquee stage kind of outfit. Classy with rock’n roll!

Last and not least
this impression of

VERONIQUE BRANQUINHO
She owns my respect since a while. This mysterious, never in the spotlight, designer knows fashion well. I can imagine a whole other world due to her designs. Something full of fantasy. With women who can horse ride, organise fancy dinner parties, and well are very feminine but no pussies. All my respect goes out to the models on those heels!

Sorry for the fans of AF Vandevorst and Scabal. I also loved their (partial) shows. But I’m out of words. At least the way I write down Vandevorst and Branquinho show the correct spelling. I had two OUCH moments because of wrong spelling on the slideshow, and the editors in chief of ELLE were definitely with me.

Stoemp

100.000 keer toeterend worstelt de chauffeur met de bus. Of de bus met de chauffeur. De man aan het stuur stoempt hem door de stad. In het ritme van volle gaas en volle rem vermorzelt hij de drukte.

De stille schreeuwende blikken van passagiers spreken zacht. ‘Aaaah stop met uw woeste wildernis op het pedaal’, suist de vrouw met scheve, stevig rollende, ogen.

Iedereen bidt een beetje in zijn eigen taal. Ondanks het stilaan sijpelende besef van niets of niemand in het korstmos of in de kosmos.

‘Oh god, of spaghettimonster dat sporadisch vliegt, laat ons niet scheef geschud worden tot de misselijkheid nabij is. Verhoor ons. Wij willen meer zijn dan puree met stukken. Verlos ons van de zware voet. Laat ons niet herleiden tot brokken zetmeel met gebroken botten, met in het midden van het putteke een vulkaan vol vleessaus.’

KRIiiiiiiiiipp!
‘Terminuuus!’

stoemp

Marktconditie

Fok, er is een marktgat weggewerkt, en niet eens door mij.
Sinds de gaten in de kaas ideaal koopwaar leken in de Elsschot-klassieker ben ik ook op zoek naar een gat. Maar we weten allemaal hoe Kaas afloopt… Toch?

Ik bedoel dat ik wel houd van vermeende, foute voorbeelden. Verhalen mogen ook best slecht aflopen. Liever een goed slecht einde dan een gelukkig kuteinde.

Frozen yoghurt vult nu dus blijkbaar een gat in de markt, toch van Bailly tot Ijzerleen. Al snap ik niet helemaal waarom ijs gezond hoeft te zijn. “Bevroren yoghurt.” Bij eten verkies ik ook goed slecht (Zweedse ballen met massa’s milliliters slagroom, in de saus én in het gehakt. Zelfgerold, niet van de meubelgigant) boven slecht goed (quinoashizzlehype).

Het is dus niet de bevroren yoghurt, maar wel de frozen shoulder waarvan ik schrik heb. Is die genetisch bepaald? Moet ik meer turnen, joggen, dansen? Zijn er recent te veel televisionele hartaanvallen op mijn netvlies gepasseerd? Trilt of klopt mijn hart plots te snel?

Er is duidelijk iets abnormaal. Ik denk bijna én eindelijk, voor het eerst in mijn leven, dat ik ook een conditie verdien… Want ja wat doe je best nadat je uit een Russische romanmarathondroom ontwaakt? Eentje met stress, haat, verraad, passie, liefde, rechtstreekse oorlogsverslaggeving via een vriend van een vriend… En met aan het eind de ontdekking van een flou droomhuis met wiegende strohalmen in de scherpgestelde voorgrond. Een kluizenaarswoning die leidt naar geluk.
JOGGEN!

Het is me nog nooit overkomen dat ik om zes uur ‘s ochtends in angstzweet mompelde van ‘waar ligt hier godverdomme een godverdomdse fluovest!’ Maar vandaag was het zover. Een halve langspeelplaat met greatest hits heb ik mezelf langs stinkende struisvogels, rustieke boerenpaarden, natte bochten en de vaart gesleept.

De ideale soundtrack is ultiem belangrijk om mij over de sportstreep te trekken. Geef mij een geluid dat niet klinkt als de mix van een motiverende Evy en MNM-muziek. Ik heb het tevergeefs geprobeerd met wat Lady Gaga en Felix the Housecat (verslaafd aan Nicotine from the Silver Screen). ‘t Heeft allemaal niet genoeg of misschien net te veel BPM. Niet genoeg spanning, gebrekkige juiste vibe.

Ik heb godverdomme gitaren nodig. Of een perfect riedeltje harmonica dat me terug aanzwengelt! Iets dat denkbeeldig op mijn juiste “hormonen” werkt.

Al jaren ben ik zogezegd procrastrinerend aan het zoeken naar een vervanger voor Kings of Leon. Op hun meezingers liep en wandelde ik met de hond. En wanneer de hond met mij wandelde, zong ik luidop voor haar. Mijn stem is de temmer van elk trekkend beest. Een kwestie van straffen of belonen, dacht ik zomaar.

Sport is naar het schijnt goed, voor alles. Maar ik ben de anti-believer. Tenzij mijn beloning klinkt als volgt.

There is something about you girl, that makes me sweat.

Stuck in the ground

Bomen razen voorbij. Alsof ze allemaal hun wortels hebben losgelaten, snakkend naar mobiliteit. Groene longen on the move met een uitstoot van slechts pure lucht.
Bomen en The Strokes lijken plots wel de redders van de wereld. Of van die van mij. Te veel binnenshoofdse zorgexplosies zijn pakweg te veel.

Zouden die invloed hebben op episode vijfduizend van het drieëntwintigste seizoen aan rare dromen? De beelden en woorden waaien nog ergens door de achterkant van mijn hersenkwabben.

Verdwalend in eigen stad, een mix van Brussel, Leuven en misschien nog een flard A’ of Mechelen (ontworteld) ben ik vruchteloos op zoek naar een veel te late lunch. Geen lift kan mij redden, ik ben de weg compleet kwijt. Dat deert niet. Want tijdens (ver)dwalingen komt verrassing.

Daar staat hij dan. In een roze maatpak. Zingend op zo’n soort van aftands derderangs (pakweg Marktrock) podium. Dé stem van nationale radio en televisie gekleed in zo’n hemd met onder de kin een in flarden uiteengerukte bavet. Dansend alsof hij rechtstreeks afstamt van de ABBA-bloedlijn. Schaadt overdaad? Fronsrimpels of een glimlach?

Geen tijd voor sufpiekeren want gelijk piept een SMS ‘Ge hebt gelijk.’
Alle verwaandheid ten spijt luidt de reactie: fok hoe komt die gast aan mijn nummer. Of moet dat niet verbazen dat een hoofd-hoofd-hoofdbaas dat heeft én me gelijk geeft. Sandalen en schoenen met hakken zijn niet langer verbannen van de inzamelactielijst. Want, ‘Wat als er nog een “Indian summer” komt?’ en ‘Alle vrouwen hebben recht op hakken!’ klinkt echt als het soort eis dat ik met razernij op tafel zou smijten… Eum.

Ik raas voorbij de bomen en alles raast voorbij mij.
The Strokes klinken nog steeds even hard als het gitaarwerk waar ik van houd.

Als alles verdween in een terugwerkend tijdsgat, dan reed ik nu met superlang haar in slow motion op een paard of desnoods op een fiets. Want Sofia Coppola kan niet zonder mijn figuratiekwaliteiten, terug in die tijd.

Als alles toch lineair verdergaat, heb ik doek of papier van groot formaat nodig. Om wiskundig berekend en balancerend op een ladder mijn eigen Pollock te worden. Niks is dan nog te pastel of te vaag. Dan vind ik duidelijkheid in de non-figuratieve spetters. Gegooid op het ritme van de gitaarriffs van pakweg… The Strokes.

And I don’t write better
When I’m stuck in the ground