De kortzichtigheid der oppervlakkige opmerkingen
Ik ben de laatste om de eerste steen te werpen. Maar waarom slingert iedereen te onpas van die dwaze (voor)oordelen naar mijn kop? Ze beginnen en eindigen overal. En ze komen verdacht spontaan. Maar houd ze daarom eventueel godverdomme toch voor uzelf. Kan dat? Zo gewoon uw bek houden en even slikken. In plaats van te veronderstellen dat je een eureka-erlebnis beleeft en die gedachtendiarree bijgevolg ook verbaal in mijn richting moet ontluchten.
SHuT UP!
Heb je geen zeven jaren gezwoegd op een studie omtrent haartooi. Sodemieter op. Ik weet heus wel dat mijn haar bewijst dat er een zoogdierversie van een kameleon bestaat. Neen, mijn collega heeft geen nieuwe collega. Ik ben het maar! Ja, ik leef onder een hoeveelheid haar waar kalende mensen kippenvel van krijgen. Waar haarlakspuitende en –snuivende soulzangeressen uren aan moeten zwoegen. Ik zeg niet dat zij op mij willen lijken, maar wel dat ik niet op hen wil lijken. Ik kan het weten, want ik weet dat stil in mijn eigen hoofd.
Heb ik een te strak, doch niet te kort, kleedje aan. Oeps, dan heb ik eventueel vestimentaire subgenre-regels aan mijn laarzen gelapt. Je draagt één avond niet de broek en bijgevolg is het onmogelijk dat je al jaren vertrouwd bent met pakweg The Sedan Vault, die pakweg getekend waren bij een punklabel. Waar zo’n doorsnee oordeeloen zonder hanenkam, tevens actief in de muziekindustrie, het lef vandaan haalt om zo’n onzin uit te kramen. Goede poging. Ja! Proficiat. Maar als The Sedan Vault –indertijd- niet de band was die ik al het vaakst live zag…
Waarom doe ik zo’n verwoede poging tot het ontkennen van de correlatie tussen kledij en muziekscènes? Ik weet vanuit een vaag ver verleden: dat het kan, dat het is! Sociologen hebben daar al kaas van gegeten en er zelfs over geschreven wanneer ze niets beters te doen hadden. Maar ik dans liever op tafel hoe ik wil. Puberaal, stoer, alternatief, vrouwelijk, snobistisch. Geef mij elke dag een andere willekeurige stempel die ik slechts deeltijds verdien.
Ik knuffel vaker bomen dan mannen, wordt luidop gedacht. Misschien vind ik ze wel allebei even leuk. Dan ben ik soms een vermeende ‘die alternatieve’ en sporadisch zo’n ‘fake vamp’. En dat is allemaal geoorloofd! Heb ik de vrijheid om in bossen te spelen of om op muren te schilderen in een afdankertje met een verschraald hipheidsgehalte? Mag ik mijn benen optisch verlengen met schoenen als hulpstuk der verleidelijke illusie. Vindt u dat mijn lingerie eerder puur functioneel moet zijn? Bel dan 04**/7*.**.*2 want ik doe daar deze maand een kwantitatieve studie over en ik heb mijn quota nog niet bereikt. De vragenlijst neemt slechts 10 minuten van uw tijd in. Al weet u net zo goed als ik dat die schatting een regelrechte leugen is.
Ik vind het jammer. Die optelsom van foutieve, oncreatieve, oppervlakkige opmerkingen van mannen, van vrouwen, van voorbijgangers, van losers. Ik klink als een cynische kameleon die sporadische, oprechte complimenten afweert door verbaal te spugen als een lama.
Rooogh sZpttTeh!
Ik vergeef u uw kortzichtigheid. Zoals u ook mij mijn tirade zal vergeven.